 |
|

|
Hier vind je alles over Spanje en de Canarische eilanden, zoals: ~ Regio’s en steden ~ Geografie en geschiedenis ~ Natuurparken ~ Flora en fauna Voor suggesties houden wij ons aanbevolen. |
Het Koninkrijk Spanje is een land in het uiterste zuidwesten van Europa. Het deelt het Iberische schiereiland met Portugal en de Britse 'kolonie' Gibraltar. In het noordoosten grenst het aan Frankrijk en het dwergstaatje Andorra, over de lengte van het Pyreneeëngebergte. Het omvat ook de Balearen in de Middellandse Zee, de Canarische Eilanden die buiten de Atlantische kust van Marokko zijn gelegen, en de exclaves Ceuta en Melilla aan de noordkust van Afrika. De exclave Gibraltar in het zuiden van Spanje is grondgebied van Groot-Brittannië sinds het einde van de Spaanse successieoorlog in 1714.
Autonome regio's Spanje is onderverdeeld in 17 autonome regio's (Spaans: comunidades autónomas). Deze onderverdeling kwam tot stand bij het wijzigen van de Spaanse grondwet in 1978. Uit schrik voor opduikend separatisme en verdere instabiliteit van het land, werd er gekozen voor verregaande decentralisatie. Elke autonome regio kreeg zijn eigen regering en parlement met grote wetgevende en uitvoerende macht. In 1995 verkregen ook de twee Spaanse exclaves in Afrika, Ceuta en Melilla, autonomie.
Een overzicht van de autonome regio's van Spanje: Andalusië - Aragon - Asturië - Balearen - Baskenland - Canarische Eilanden - Cantabrië - Catalonie - Kastilië-La Mancha - Kastilië-Leon - Extremadura - Galicië - La Rioja - Madrid - Murcia - Navarra - Valencia
Provincies Spanje heeft naast een indeling in autonome regio's ook een indeling in 50 provincies en twee vrijhavens. Elke regio heeft één of meestal meerdere provincies.
Het vasteland van Spanje beslaat ca 4/5e deel van het Iberisch schiereiland. De Balearen en de Canarische eilanden staan geografisch gezien los van de rest van Spanje.
Gebergtes Het Iberisch schiereiland heeft twee dominante gebergtes: de Pyreneeën in het noorden, en de Sierra Nevada in het zuiden. De Pyreneeën, die in het westen uitlopen tot in Galicië, zijn ontstaan als gevolg van het botsen van het Iberische subcontinent tegen het Europese continent. De belangrijkste toppen zijn de 3407 meter hoge Pico de Aneto in het centrale deel, en de 2648 meter hoge Picos de Europa in het westelijke deel. In de Sierra Nevada bevindt zich de Mulhacén (met 3482 meter de hoogste berg van het Spaanse vasteland - de hoogste berg van Spanje is de Pico del Teide op Tenerife). Dit gebergte is ontstaan doordat het Afrikaanse continent druk uitoefent op het Europese continent. Doordat een deel van de Afrikaanse plaat onder de Europese schuift, is een regio met vulkanische activiteit ontstaan in Zuidwest-Andalusië. De verdrukking van het subcontinent tussen 2 continenten heeft het hele land tussen deze 2 gebergtes heuvelachtig tot bergachtig gemaakt. Dit wordt in het Spaans de meseta genoemd.
Rivieren Belangrijke rivieren zijn de Ebro in het noorden, de Duero en de Taag in centraal Spanje en de Guadalquivir in het zuiden. In de rivieren zijn vele stuwdammen gebouwd, ten behoeve van energie-opwekking, en ten behoeve van de landbouw.
Talen Er zijn in Spanje vier grote talen. Elke daarvan heeft een officiële status in bepaalde gebieden:
- Spaans of Castiliaans (español, castellano), 74%.
De officiële taal in heel het land krachtens de huidige Spaanse grondwet van 1978. Maar al sinds de zestiende eeuw is dit de officiële taal van heel Spanje. Het Castiliaans wordt daarom over het algemeen Spaans genoemd.
- Catalaans (català, valencià), 17%.
In Catalonië, op de Balearen en in een deel van de Autonome Gemeenschap Valencia, waar de taal officieel Valenciaans heet. In het onafhankelijke dwergstaatje Andorra is het Catalaans de officiële taal.
- Galicisch (gallego/galego), 7%.
In Galicië.
- Baskisch (euskera/euskara), 2%.
In Baskenland en het noorden van Navarra.
Daarnaast is er het Asturisch (asturleonés, bable), maar dat wordt door veel taalkundigen als een dialect van het Spaans gezien, zie hieronder.
Dialecten Catalaans, Galicisch en Castiliaans stammen allen af van het Latijn. Het Baskisch daarentegen is een isolaat: het is met geen enkele andere taal verwant. Deze talen hebben nog weer vele dialecten. Sommige daarvan hebben een officiële status, onder meer:
- Het Asturisch of Bable.
In Asturië en een deel van Kastilië-León.
- Het Aragonees.
In een deel van Aragón.
- Het Aranees.
In Val d'Aran in de noordwestelijke punt van Catalonië. Dit is een dialect van het Occitaans, dat vooral in het zuiden van Frankrijk word gesproken.
Het Spaans dat in Latijns-Amerika wordt gesproken, stamt volgens velen af van het Spaans uit het zuidwesten van Spanje (Andalusië en Extremadura).
Door de groter variatie in klimaat, hoogte en bodemgesteldheid kent Spanje een zeer gevarieerde flora met ongeveer 8.000 soorten. Door de Pyreneeën ligt Spanje relatief geïsoleerd van de rest van Europa, waardoor er een groot aantal endemische soorten voorkomen. De mediterrane flora overheerst en de traditionele bosformaties met steeneiken bestaat bijna niet meer en zijn vervangen door maquis, een vrij lage begroeiing met o.a. rozemarijn, oleander, lavendel, tijm, kurkeik, heidebrem, Cistus, Spartium en Genista. De belangrijkste gebieden voor de kurkeik zijn Catalonië en Extremadura. Meer zuidelijker wordt de vegetatie subtropischer van aard met agaven, schijfcactussen en palmen. Bij Elche in Alicante is het enige dadelpalmenbos van Europa te vinden. Loofbossen met o.a. eiken, beuken, kastanjes, essen, populieren en berken komen vooral in Noord-Spanje voor. De naaldbossen in het hooggebergte bestaan voornamelijk uit lariks en arve, en verder vindt men hier mossen en korstmossen. De zilverspar komt veel voor in de Pyreneeén en het Sistema Ibérico terwijl de Spaanse spar allee voorkomt in het Ronda-gebied in Andalusië. De Schotse den met zijn gevlekte rode bast komt algemeen voor in de koele noordelijke berggebieden. De parasolden komt aan de kust voor. |
 |
|
Opvallend is de veel voorkomende donzige eik die op de wat nattere plaatsen groeit. De Pyreneeën herbergen ongeveer 150 unieke soorten en de veel kleinere Sierra Nevada in het zuiden telt 60 unieke soorten. Boven de boomgrens in de diverse berggebieden komen planten voor als de gentiaan, krokus, narcis, zonnedauw en orchideeën. Bekende plaatsen waar veel soorten orchideeën voorkomen zijn de bergweiden van de Picos de Europa met ca. 40 soorten en de Serranía de Cuenca in het Sistema Ibérico. De hoogvlakte kent o.a. een steppeachtige flora met bijvoorbeeld melde, loogkruid en over het algemeen een vermenging van de vegetatie van de steppegebieden, het Middellandse-Zeegebied en het hooggebergte. In het noordwesten vinden we op de berghellingen heidevelden met rode dopheide, struikheide en gaspeldoornsoorten. |
| De steppegebieden zijn te vinden in de Ebro-vallei, de Castilla-La Mancha en het bijna woestijnachtige Cabo de Gata in Andalusië. Deze gebieden vertonen pas na regenbuien hun fantastische kleurenrijkdom. De subtropische Canarische Eilanden kennen wat vegetatie betreft vrij grote verschillen, maar cactussen, laag struikgewas, palmbomen en pijnbomen (Pinus Canariensis) in de hogere delen komen vrij veel voor. |
|
| |
|
Bronnen: Wikipedia, Ministerie van Buitenlandse Zaken
|
 |